Motivatie
Motivatie, G. Franzen
Het boek “Motivatie” van marketing en merken deskundige Franzen geeft een zeer uitgebreid inzicht in het begrip motivatie. Volgens Franzen vertellen behoeften hetgeen een individu nastreeft. Zijn persoonlijkheidskenmerken vertellen hoe dat individu dat doet. De behoeften leiden hierbij tot de ontwikkeling van waarden bij dit individu.
Persoonlijkheidstrekken hebben een stabiel karakter omdat ze in hoge mate genetisch bepaald zijn. In de trektheorie van Allport worden 8 elementaire en 6 samengestelde trekken onderkend (Franzen 2008: 126). Volgens Franzen zijn trekken bouwstenen van de persoonlijkheid die menselijk gedrag sturen. Trekken zijn in dat opzicht motiverende eigenschappen. De 8 elementaire trekken zijn:
- Intellect van openheid: de behoefte om een oplossing te vinden;
- Gewetensvolheid: de behoefte om goed georganiseerd te zijn;
- Introversie: de neiging om gevoelens als schaamte te tonen;
- Meegaandheid: de behoefte om naar anderen vriendelijkheid uit te stralen;
- Emotionele stabiliteit: de neiging emotionaliteit in de vorm van een drift te uiten;
- Materiële behoeften: de behoefte materiële goederen te verzamelen;
- Behoefte aan prikkels: het verlangen naar spanning;
- Lichamelijke behoeften: de behoefte het lichaam te onderhouden.
De 6 samengestelde trekken zijn:
- Behoefte aan leren: de behoefte aan informatiebronnen en kennis;
- Marktoriëntatie: duurzame doelen stellen en taken volbrengen;
- Behoefte aan creativiteit: de drang om actief en creatief bezig te zijn;
- Competitiebehoefte: willen winnen en beter willen zijn dan anderen;
- Spelbehoefte: de behoefte aan plezier;
- Effectiviteitbehoefte: de behoefte aan capaciteiten om te kunnen organiseren.
Zoals gezegd leiden behoeften tot de ontwikkeling van waarden. In dit kader geeft Franzen inzicht in de 10 universele waarden (Franzen 2008: 140):
- Het gezin beschermen;
- Eerlijkheid;
- Gezondheid;
- Zelfwaardering;
- Onafhankelijkheid;
- Rechtvaardigheid;
- Vrijheid;
- Vriendschap;
- Kennis;
- Leren.
Franzen geeft verder aan dat Chiarelli op basis van deze universele waarden, 6 waardeclusters heeft afgeleid die een bepaalde persoonlijkheid beschrijven:
- Creatievelingen: deze personen zoeken naar uitdaging en naar horizonverbreding;
- Genotzoekers: deze personen zoeken naar vertier, vrienden en verbeelding;
- Intimiteitzoekers: deze personen zoeken naar ontspanning en willen samen met hun dierbaren genieten van het leven;
- Strebers: deze personen zoeken de kern van de zaak, willen hun tijd niet verspillen en vragen zich af wat iets voor hen oplevert;
- Toegewijden: deze personen zoeken respect voor henzelf en hun gezin;
- Altruïsten: deze personen zoeken een verrijking in hun bestaan zodat ze een bijdrage kunnen leveren aan de wereld.
Franzen stelt dat doelen in de motivatietheorie centraal zijn komen te staan. Achter de doelen liggen de behoeften als menselijke eigenschappen. De self-determination motivatie theorie van Deci en Ryan stelt dat er intrinsieke en extrinsieke motivatie bestaat. Franzen geeft een belangrijke opsomming van aspecten die bijdragen aan een optimale intrinsieke motivatie. Deze aspecten zijn:
- Vrijheid in het kiezen en stellen van doelen;
- Betekenis hechten aan deze doelen;
- Uitgedaagd voelen door deze doelen;
- Gevoel hebben dat deze doelen binnen het persoonlijke bereik liggen;
- Controle hebben over de weg om de doelen te bereiken;
- Terugkoppeling krijgen over de bereikte tussenresultaten;
- De bereikte resultaten toe kunnen schrijven aan de eigen bijdrage;
- Niet afhankelijk zijn van externe factoren voor het bereiken van de doelen.
Extrinsieke factoren spelen een rol als secundaire motivatiefactoren. De extrinsieke factoren moeten zoveel als mogelijk in harmonie met de intrinsieke factoren zijn.
Franzen vat zijn werk samen in figuur 3-15 (Franzen 2008: 206), waarin hij schematisch laat zien uit welke factoren het functioneren van een individu is opgebouwd.
** figuur 44 **
Figuur 3?15 Schematisch overzicht van persoonlijk functioneren
In de bovenstaande figuur komt de complexiteit van het begrip motivatie goed tot uiting. De figuur geeft aan dat doelen in verschillende categorieën tot stand komen via een voortdurende wisselwerking tussen verschillende persoonlijke motiverende eigenschappen en zijn ideale zelf aan de ene kant en zijn sociale en fysieke omgeving aan de andere kant. Deze doelen leiden tot gedrag met een persoonlijke uitkomst tot gevolg. De uitkomsten op hun beurt beïnvloeden de doelencategorieën weer waardoor een continu systeem ontstaat.
Alhoewel misschien wat te hoog gegrepen voor de dagelijkse projectpraktijk en wellicht wat teveel gericht op motivatie in het licht van marketing, levert Franzen een waardevolle bijdrage aan dit onderzoek. Dit boek vult voor mij de leegte die de overige literatuur achterlaat als het gaat om de basis van persoonlijk veranderen.
Veranderen in organisaties bestaat uit het veranderen van mensen in die organisatie. Naar mijn mening kan een projectleider dat alleen realiseren als hij begrijpt hoe menselijk gedrag in elkaar zit. Een projectleider heeft naar mijn mening dit inzicht nodig om effectief te kunnen zijn met zijn projectteam, maar vooral om ervoor te zorgen dat de verandering die zijn project teweegbrengt voor mensen, succesvol wordt doorgevoerd.
Lastige kost voor de gemiddelde projectleider, maar noodzakelijk als het gaat om het waarmaken van de droom van je opdrachtgever.
Meer lezen: Arbeidsmotivatie als managementinstrument en Leiderschap bij verandering.
